Algemeen

Ontwikkeling havens Noordzeekanaal

Haven Amsterdam is niet ontkomen aan de economische malaise. De containeroverslag kreeg de grootste klappen, door het wegvallen van de omzet op de grootste terminal, de Amsterdam Container Terminal. Voorlopig wordt uitgegaan van een daling van 5%.

Alleen de omzet van benzineoverslag steeg en nog aanzienlijk ook, met bijna 20%.

Een nieuwe grote zeesluis is dichterbij gekomen door een financiële overeenkomst tussen Amsterdam, Provincie en minister Eurlings. Amsterdam blijft vasthouden aan een forse omzetgroei.

Critici, waaronder Stichting Noordzeekanaalgebied en de econoom professor Heertje, menen dat de groeicijfers van de havens op drijfzand zijn gebaseerd en de nieuwe zeesluis onrendabel zal blijken te zijn. Het Centraal Planbureau (CPB) zegt het wat diplomatieker: er is geen haast met de bouw, want pas na 2019 zou de kans op ondercapaciteit in de gezamenlijke havens van Nederland toenemen.

Strikt genomen ligt ons belang minder bij groei dan bij de milieueffecten van de haven voor onze omgeving. De kwestie is echter dat Amsterdam blijft investeren in ontsierende en vervuilende havenontwikkelingen, in strijd met de Havenvisie die Amsterdam in 2008 uitgebracht heeft. Deze visie ‘Slimme Haven 2080-2020’ heeft duurzaamheid hoog in het vaandel. Slechts in de marge wordt tot nu toe helaas wat bereikt voor een beter milieu, terwijl de Vopak-benzineterminal recht tegenover onze woongemeenschap in de toekomst weer een nieuwe milieuvervuiler zal zijn.

 
Banner